De Trias Aquatica

Martin Kuipers

Door Martin Kuipers*

Nederland bestaat vanwege water, dat grillige element dat zichzelf nu eenmaal niet kan besturen en daarom bestuurd moet worden. Dat doen we sinds 1022. Water dat zich, door klimaatverandering, alleen maar extremer gaat gedragen. We hebben al decennia lang de schijn opgehouden dat water onze vriend zou zijn, alsof het werk noch moeite kost de vriendelijke kant van water in onze maatschappij toe te laten. Inmiddels wordt ook Nederland weer geconfronteerd met de grillige, ongemakkelijke kant van water. Water – zo beginnen we te beseffen – is een strategische prioriteit.

Groot-Brittannië laat zien, wat het betekent als je niet blijvend investeert in de wa-terinfrastructuur. Een Nederlands niveau van waterbeheersing is daar inmiddels on-haalbaar, omdat de Britten er jarenlang niets aan hebben gedaan. Ze kunnen nu al-leen nog maar proberen gevolgen te beperken. Getroffenen betalen een gigantische prijs: economische ontwrichting, immense schade aan infrastructuur en persoonlijke eigendommen eisen voor lange tijd hun tol.

In Nederland lijken Britse toestanden niet erg waarschijnlijk; menselijkerwijs gesproken is Nederlands erg ‘waterveilig’. Maar dat hoge waterbeheersingsniveau kunnen we alleen in de toekomst overeind houden, door wijs te kiezen en er continu in te blijven investeren. Morgen zijn we te laat. Op waterveiligheids- en wateroverlastgebied weten we wat we moeten doen: eerst preventie, daarna een duurzame ruimtelijke inrichting en tenslotte de calamiteitenbestrijding op orde (houden). We noemen dit meerlaagse veiligheid. Voor waterbeschikbaarheid weten we ook wat te doen: allereerst zuinig zijn met zoet water, eventueel inzetten en ontwikkelen van nieuwe zoetwaterbronnen en tenslotte het veiligstellen van de klassieke zoetwaterbronnen. We noemen dit de Trias aquatica.

Dit realiseren in deze tijd vraagt nieuwe bestuurlijke inzichten en nieuwe vormen van samenwerking. In Nederland is de bestemmingsdruk op elke vierkante meter immers gigantisch. Voor elk stukje grond zijn er wel vier concurrerende bestemmingen te bedenken. Dat vraagt dus aan de publieke ambtsdragers om samen te werken in de ruimtelijke ordening. En is dat al geen eenvoudige opgave, samenwerken met een nieuwe burgermacht die ontstaat uit de smeltkroes van decentraal, bottom-up, vrije informatie en nieuwe technologie is dat evenmin.

Dat vraagt van de publieke ambtsdragers dus niet alleen een andere wijze van werken door samen te werken met elkaar, maar ook door samen te werken met mondige, goed geïnformeerde burgers die mee willen denken, ontwerpen en doen.

Dus publieke ambtsdragers van alle gezindten verenigt u! Structuurdiscussies – de nationale hobby van bestuurlijk geïnvolveerd Nederland, zo lijkt het soms – helpen niet: samenwerken in de regio en elkaar in de eigen kracht ontmoeten, maakt dat Nederland het mondiale voorbeeld kan zijn van hoe het moet: veilig, schoon, voldoende en duurzaam water.

Het concrete handelingsperspectief voor de aanpak van de in het Global Risks Report 2016 genoemde risico’s, is het meest gebaat bij:

“Publieke ambtdragers aller gezindten verenigt u: de doelgroep is uw partner om te denken, te ontwerpen en te doen”

 

*Kuipers, M.J. (Martin), Secretaris-Directeur Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. Hij maakt deel uit van de Nederlandse Denktank ‘From Global to Local’ 2016.