Decentralisatie sociaal domein: we kenden de risico’s

Jack Kruf

Risico’s inschatten doe je voordat je besluiten neemt. De mogelijke schade wordt van tevoren getaxeerd, vervolgens gewikt en gewogen, voorzien van maatregelen, enzovoorts.

Wat wisten we toen, wat we nu ervaren bij de decentralisaties van het sociaal domein? Wat zijn de lessen die de rijksoverheid, de koepelorganisaties en de decentrale overheden hieruit kunnen trekken voor een volgende operatie, zoals bijvoorbeeld de invoering van de Omgevingswet?

Er waren in 2013 al zekerheden over de onzekerheden van de decentralisaties en toch namen we de besluiten die we namen. Dit fenomeen – the failure of governance, zoals geduid door het World Economic Forum in het Global Risks Report – houdt in: we kennen de risico’s van een mogelijk besluit, kennen alle achtergronden maar we besluiten het toch om te doen en gaan vervolgens – in oud-Hollands geformuleerd – de bietenbrug op. Wij citeren integraal in dit PRIMO artikel van 21 mei 2014, bijna 8 maanden voor de invoering van de decentralisaties, de klassieke dialoog tussen een minister en de rekenkamer.

“Kan de geplande decentralisatie van thuiszorg, jeugdzorg en arbeidsparticipatie naar gemeenten ‘haalbaar en verantwoord’ op 1 januari daadwerkelijk worden ingevoerd?

Die vraag stelt De Algemene Rekenkamer in haar Verantwoordingsonderzoek over de jaarrekeningen van het Rijk over 2013. Door vier ministeries en 403 gemeenten wordt er hard aan gewerkt, maar verloopt de voorbereiding ongecoördineerd.

Rekenkamer-president Saskia Stuiveling zegt in een toelichting:

“Wij hebben niet kunnen constateren of het Rijk weet of de gemeenten er klaar voor zijn en dus of er sprake is van een verantwoord proces van taken, bevoegdheden en budget.”

Minister Plasterk herhaalt in zijn reactie (brief 19 mei) zijn streven, maar gaat niet in op de uitspraken van Stuiveling. Vele rapporten, die de haalbaarheid in twijfel trekken, zijn vooraf gegaan. Plasterk:

“Vanuit de verantwoordelijkheid van het ministerie van BZK geldt dat ook ik zie dat er nog veel moet gebeuren in de komende maanden. Overigens zonder de datum van 1 januari 2015 ter discussie te willen stellen. Zowel het Rijk als de gemeenten doen er alles aan om te zorgen dat mensen in 2015 goed geholpen worden.”

Nu, anno 2019, vijf jaar later stellen wij ons de vraag: Publiek risicomanagement moet toch ook zijn horen en luisteren door de actoren en de publieke leiders, zorgvuldig omgaan met wijze adviezen vanuit praktijk en wetenschap en streven naar de meest effectieve besteding van belastinggeld?

Het vakgebied is redelijk uitontwikkeld om in scenario’s te kunnen en durven denken, over de horizon heen te kijken, een prachtige toevoeging om de grondhouding voor goede besturing te kunnen versterken, en een managementvorm om echt rentmeesterschap vorm te kunnen geven? En, toch, waarom krijgt het vak risicomanagement in het politiek-bestuurlijke domein zo moeilijk voet aan de grond? Goede vraag. En nu het antwoord.