Engineering 2120: Nederland over 100 jaar

Nederland in 2120

PRIMO pleit meer en meer voor een verschuiving van het denken vanuit concepten van risicomanagement naar die van waardeontwikkeling en (strategisch) scenariodenken, uiteraard met haalbaarheid en realisatie in het achterhoofd.

Het is de combinatie van durf, kennis en creativiteit die ons verder brengt, een vorm van denken die wordt gevoed vanuit publieke waarde (Mark H. Moore) en in een co-creatief proces van design denken (Jeanne M. Liedtka). Publieke waarden staan centraal, niet de risico’s (“die kennen we nu wel”) én in een proces waarbij zowel de linker als de rechter hersenhelft worden gebruikt.

Dit is een lezenswaardig en aan te bevelen initiatief op de grens van Oud en Nieuw van 2019 en 2020: Zo groen kan Nederland zijn over honderd jaar. Dit artikel geeft nieuwe energie, hoop en vertrouwen. Aan de slag!

“Over honderd jaar is Nederland een land met groene steden, een circulaire landbouw, en is er meer ruimte voor bos, water en moeras. Zo’n klimaatbestendig Nederland is niet alleen wenselijk, maar ook mogelijk, zeggen Michael van Buuren en Martin Baptist van Wageningen Climate Solutions van Wageningen University & Research.

“Nederland staat voor grote uitdagingen. Afnemende biodiversiteit, zeespiegelstijging, verzilting, verdroging, energienood, wateroverlast, woningnood, bodemdaling en insectenplagen zetten de leefbaarheid in ons land onder druk. Als we niets doen zullen deze problemen alleen maar toenemen.

Een andere kijk op het gebruik van natuurlijke hulpbronnen en de ruimtelijke inrichting is nodig om een transitie te maken naar een betere, groenere versie van Nederland. Dat vinden ruimtelijk ontwerper Michael van Buuren en ecoloog Martin Baptist van Wageningen University & Research. Zij hebben samen met een team van Wageningse onderzoekers gewerkt aan een toekomstbeeld voor 2120 waarin de kracht van de natuur Nederland veilig en welvarend houdt.

Het Wageningse perspectief op Nederland in 2120 is weergegeven in een kaart (zie afbeelding). Het is gebaseerd op een aantal uitgangspunten: zo moest de uitkomst voor de biodiversiteit maximaal zijn, want alleen dan kan ons land in de basis gezond blijven. Verder werd zoveel mogelijk gewerkt met oplossingen waarin natuurlijke processen een grote rol spelen. Dat geeft een ideaalplaatje, maar utopie is het beslist niet, legt Michael van Buuren uit. “We hebben een afweging gemaakt tussen wat waarschijnlijk, mogelijk en wenselijk is. Het resultaat is een kaart die mogelijk is, dus haalbaar en realistisch. Dat is iets bescheidener dan wat wenselijk is, maar we leggen de lat hoger dan wat waarschijnlijk is.””