Onderzoek effecten fusies waterschappen in Zuid-Holland

Bron: Provincie Zuid-Holland, BMC Advies Management

Samenvatting: “De reorganisatie van het waterschapsbestel in de provincie Zuid-Holland, gestart eind jaren negentig, leidde in het najaar van 2002 en het voorjaar van 2003 tot een aantal besluiten van Provinciale Staten over het fuseren van waterschappen. Het doel van de fusies is van meet af aan geweest om de positie van de waterschappen te versterken door de vorming van all-in waterschappen. Met de instelling van de nieuwe waterschappen per 1 januari 2005 werd aan dat doel tegemoet gekomen. Hiermee werd tegelijkertijd de voorwaarde gecreëerd voor de ontwikkeling van robuuste waterschapsorganisaties, die in staat zijn op een effectieve en efficiënte manier uitvoering te geven aan de wateropgaven in hun gebied.

Voor de ontwikkeling van nieuwe waterschappen betekende dit in de eerste plaats dat zij hun beleid en uitvoering moesten harmoniseren. In het kader van integraal waterbeheer moesten alle waterschappen zich daarnaast ontwikkelen van taakgerichte- naar procesgerichte organisaties. Het harmonisatieproces heeft in eerste instantie geleid tot compromissen over de richting en inrichting van de nieuwe organisatie. De beweging naar procesgerichte organisaties is een geleidelijke ontwikkeling die voortduurt. Hoewel de ontwikkeling naar aanleiding van de fusies nog niet is afgerond, is de doelstelling van een effectieve uitvoering van de wateropgaven over het algemeen gerealiseerd.

Materieel heeft de reorganisatie van het waterschapsbestel geleid tot bestuurlijk en organisatorisch professionele waterschappen, die integraal verantwoordelijkheid kunnen dragen voor de kwantiteit, kwaliteit en veiligheid binnen de gegeven waterstaatkundige grenzen. Het waterbeheer is, zeker in relatie tot de complexe en omvangrijke opgave in het gebied, op een efficiënte manier georganiseerd met relatief beperkte lasten voor burgers en bedrijven. De schaalvergroting en verdere samenwerking tussen de waterschappen leidt tot efficiencyverbetering op het gebied van indirecte kosten.

De waterschappen tonen zich in toenemende mate een deskundige en betrouwbare partner voor medeoverheden en maatschappelijke organisaties. Het bestendigen en intensiveren van die relaties vraagt om aandacht van de waterschappen. De relatie tussen de waterschappen en de provincie is aan een herijking toe. De onderlinge rollen en verhoudingen bij met name beleidsontwikkeling en toezicht dienen tegen het licht te worden gehouden. Daarbij is ook het verbeteren van het onderlinge vertrouwen een punt van aandacht.

Thans consolideren de waterschappen de grote veranderingen die zich sinds de fusie voltrokken hebben en kiezen voor een geleidelijke groei. Het beleid van de waterschappen richt zich op bundeling en versterking van kennis en ervaring, op het mitigeren van de stijging van de tarieven, op intensivering van samenwerking met andere partijen gericht op efficiëntie en effectiviteitsversterking en op het zijn van een aantrekkelijke werkgever.

Het evaluatieonderzoek naar de fusie van de waterschappen leidt tot de conclusie dat de fusie over het algemeen heeft opgeleverd wat ermee werd beoogd. De uitkomsten van het onderzoek leveren geen handvatten op voor het ter discussie stellen van het huidige waterschapsbestel in de provincie Zuid-Holland. Het is vooral aan te bevelen voldoende tijd en aandacht te besteden aan het maximaal mogelijk benutten van de mogelijkheden die de ‘nieuwe’ waterschappen hebben om de effectiviteit, efficiency en samenwerking te verbeteren. Daarbij dient tenslotte te worden opgemerkt, dat deze evaluatie één van de ontwikkelingen is in een complexe context, waarin veel onderzoek en discussie plaatsvindt over de inrichting van het waterbeheer. In deze context kan deze evaluatie bijdragen aan verdere ontwikkeling en verbetering van de organisatie van het waterbeheer in de provincie Zuid-Holland.”

Download Onderzoek effecten fusies waterschappen in Zuid-Holland