Zicht op de toekomst – De wereld 80 jaar verder

Tekening door Rudolf en Robbert Das.

Door Eric Frank.

Met interesse bekeek ik nog eens het boek Zicht op de toekomst – De wereld 80 jaar verder van de gebroeders Rudolf en Robbert Das, (tweeling 1929), technisch illustratoren, bouwkundig ontwerpers, futurologen, visionairs en auteurs. In dit boek kun je nog eens lezen – en vooral ook bekijken – over de achterliggende problematiek ter voorbereiding op de beoogde energietransmissie.

De bijdrage dateert van 1983 en betreft een 80-jarige visie. Nu na 35 jaar is goed te zien hoe juist de inzichten zijn en wat er mogelijk nog te wachten staat. Deze informatie helpt om zich een goed beeld te vormen van waar het om gaat, wat er hoognodig te doen valt en hoe er mogelijk mee om te gaan.

Energie
De auteurs concluderen op het gebied van energie-ontwikkelingen in 1983, dat:

  • De voorraden aardolie en steenkool in respectievelijk 2050 en 2065 zijn uitgeput. De voorraad aardgas reikt tot ver in de 22ste eeuw. Aardolie, steenkool en aardgas zullen tot omstreeks 2050 de belangrijkste bronnen  van energie blijven, met alle vervuilingsproblemen van dien.
  • Naast kernsplitsing zal vooral kernfusie het leeuwendeel van de energie leveren. Over honderd jaar (ca. 2080) zal dat 36% en in de verdere toekomst meer dan de helft kunnen zijn.
  • In de verdere toekomst zal het aandeel zonne-energie tot ongeveer 15% kunnen stijgen.

Onder groene energie of natuurenergie worden alle energiebronnen van natuurlijke aardse oorsprong, zoals wind- en waterenergie, fotosynthese van plantaardige aard, warmte uit de diepere aardlagen en energie uit biologische processen verstaan. Voor de nu nog onderontwikkelde gebieden is zij de energiebron van de toekomst. Goedkoop en waarschijnlijk geen grote investeringen. Voorzien wordt dat in de verre toekomst de natuurenergie de tweede energiebron zal zijn. Dertig procent van de gestabiliseerde energiebehoefte van 100 miljard ton per jaar.

Echter, zal de aarde met benauwende vervuilingsproblemen te maken krijgen, vooral rond het jaar 2050 als steenkool en aardolie in de “uitverkoop” zijn en er meer dan vijf maal zoveel fossiele brandstoffen zullen worden verstookt. Pas tegen het eind van de 21ste eeuw verdwijnt met het laatste aardgas ook het vervuilingsspook van onze dan al veel schonere planeet.  Voor onze nazaten is dat in ieder geval een hoopvolle verwachting. Wellicht  maken kinderen geboren in 2084 door de betere gezondheidszorg en de toenemende welvaart die voortspruiten uit de goedkopere energie, de verbetering al mee.

Mentaliteitsverandering
Door het groeiend besef de wereld op dit vlak te moeten verbeteren vindt er over de hele wereld onder de jongeren een stormachtige mentaliteitsverandering plaats. Deze beweging van onderaf zal de wereld in de volgende jaren, dwars tegen tegenwerking en politieke druk in, veranderen.

Twee factoren maken dit onafwendbaar. In de eerste plaats zijn er de nieuwe technologische mogelijkheden, zoals de telecommunicatie via de ruimte. Deze zal politieke, ideologische, maatschappelijke en godsdienstige scheidsmuren slechten.

De tweede factor wordt gevormd door de groeiende mogelijkheid de hele mensheid te vernietigen. Deze ijzige dreiging zal ervoor zorgen dat opportunistische regimes worden ontmaskerd. Een nieuw wereldgeweten zal zich tegen deze universele zelfmoord verzetten en moet een bindende factor vormen. Er is geen alternatief.

Inmiddels zijn er nieuwe olie- en aardgasvoorraden ontdekt, waardoor de opwaartse druk op de prijzen beginnen af te nemen. Ook zijn processen voor de productie van waterstof ontdekt, die in de nabije toekomst een grootschalige, rendabele productie mogelijk maken. Zonder twijfel zal het gebruik van windenergie toenemen. Waterstof dreigt olie als energiedrager te onttronen. De OPEC-landen proberen in samenwerking met de multinationale olie-exploitanten deze ontwikkeling tegen te houden door een scherpe prijsdaling en een hogere olieproductie.

Naarmate de productie van waterstof toeneemt, wordt de neerwaartse druk op de olieprijs groter. De chemische industrie kan daarvan profiteren door zeer lage grondstofprijzen en lage energiekosten.

Het uiterst kostbare onderzoek naar kernfusie (dus niet te verwarren met kernsplitsing), een middel om het energievraagstuk definitief op te lossen, wordt sterk vertraagd of komt tot stilstand.

Wrevel en vijandigheid
Het zal duidelijk zijn dat gebeurtenissen, zoals in bovenstaand voorbeeld geschetst, in een in machtsblokken verdeelde wereld wrevel en vijandigheid moeten opwekken. Landen die ernstig worden benadeeld en in het bezit zijn van atoomwapens kunnen met zware chantage proberen hun positie te handhaven. (Dit verklaart o.a. de huidige politieke spanningen, red.) Van alle wereldproblemen is het energieprobleem het meest internationale.

De grote multinationale ondernemingen (met een sterke lobby red.) spelen hierin nog een grote rol. Zij zijn uitgegroeid tot schijnbaar onaantastbare bolwerken van kapitaal, kennis en marktbeheersing. De laatste tijd worden zij echter meer en meer het doelwit van de ontwikkelingslanden die grondstoffen bezitten en een grotere vinger in de pap willen. (Zie ook het belang van China die strategische investeringen in Afrikaanse landen doet. Europa heeft wat dat betreft aardig zitten sukkelen, red).

Ten slotte
Een blik uit het verleden kan de geest in het heden doen scherpen. Deels is er niets nieuws onder de zon, deels kan het dienen om de dialoog nog gerichter te voeren. En bovenal de schitterende illustraties in het boek maakten mij duidelijk dat een voltooide energietransitie de nieuwe toekomst is.